| > archief > Sloop delen binnenstad (2) | September 2005 Naar aanleiding van het antwoord d.d. 31 augustus 2005 inzake sloop delen binnenstad (raadsnummer 2004-330) Vragen ex. Art. 42 R.v.O.(raadsnummer 2005-345)beantwoording |
| Nieuwegein, 11 september 2005 |
Geacht college, In onze brief van 29 juli 2005 stellen wij u enkele vragen over de voorgenomen sloop van 156 woningen op de ontwikkellocatie 13 in de binnenstad. Daarnaast leggen wij u enkele vragen voor over de ontwikkeling van kavel 4, kortweg de Citykantoren. Uw reactie op onze vragen gaat voorbij aan de essentie van de zaak. Eén aspect komt in uw brief overduidelijk naar voren: u wilt de huid verkopen voor dat u de beer heeft geschoten. Wij proberen met deze brief nog eens om zaken helder te krijgen. Op kavel 13 komen volgens het OOB en het voorontwerp bestemmingsplan winkels, woningen en parkeervoorzieningen. De enige concrete reden die u voor de sloop aanvoert is dat u kavel 13 nodig heeft voor tijdelijke extra parkeerruimte en tijdelijke bedrijfshuisvesting. U blijkt echter geen enkel uitzicht te hebben op de uiteindelijke (beoogde) bestemming van deze ‘ontwikkellocatie’. Dàt u dat graag tot ontwikkeling wilt brengen is ons volkomen duidelijk. U neemt echter een risico op langdurige leegte en verpaupering - dat gaan wij niet met u delen. U stelt dat het onverstandig zou zijn om de grond van kavel 13 nu al te verkopen aan een ontwikkelaar. Dat zijn wij helemaal met u eens..... tenzij het een ontwikkelaar betreft die zich verplicht het gebied volgens de beoogde bestemming in te vullen. Maar helaas is dat niet het geval. Uw speculatie, dat de grond meer waard zal worden naarmate er meer van de binnenstad zal zijn gerealiseerd, is fictie. Immers, nog voor dat er iets nieuws in beeld is gebracht, wilt u al tot sloop overgaan. U verkoopt reeds de huid, terwijl de beer nog niet is geschoten. En wat, als de beer slechts een bok blijkt te zijn? U gelooft in positieve ontwikkelingen maar tot nogtoe is er geen enkel concreet perspectief dat dit vertrouwen rechtvaardigt. Voor een belangrijk plan als dat van de binnenstad lijkt dat de fractie van ONS absoluut onvoldoende. Vooralsnog betekent sloop een onomkeerbare kapitaalvernietiging van ongeveer 15 miljoen euro. U stelt dat u voor wat betreft de ontwikkeling van kavel 4 (de ‘Citykantoren’ aan de Schakelstede) afhankelijk bent van Corio. Daar waren we al bang voor. De gemeente moet wachten totdat Corio zijn onderzoeken heeft afgerond. Immers, Corio wil eerst voldoende meters winkelruimte voorverhuurd hebben. U bent er zelf met deze voorwaarde akkoord gegaan - en met u een meerderheid van de raad. Wat gaat u doen, als Corio niet voldoende nieuwe winkelruimte heeft kunnen contracteren? Met welk voorstel gaat u de raad dan confronteren? Wat zal er komen van het nieuwe gemeentehuis dat u volgens Corio op die locatie moet bouwen? Geacht college, dit zijn bedenkingen en vragen die resteren na uw beantwoording van onze brief van 29 juli 2005. En die, welke door uw beantwoording zijn opgeroepen. Tot slot het volgende. Wij zien donkere wolken aan de horizon die worden veroorzaakt door het besluit Luchtkwaliteit. De fractie van ONS ziet weinig heil voor bouwprojecten die een toename van de luchtverontreiniging veroorzaken of de slechte omstandigheden bestendigen. Vooralsnog betekent de realisering van de binnenstadsplannen een verslechtering van de luchtkwaliteit, waarmee de directe omgeving in eerste instantie zal worden geconfronteerd. Daarmee zou het totale plan wel eens op losse schroeven kunnen komen staan. Tot op dit moment heeft u niet op overtuigende wijze kunnen aantonen dat de binnenstadsplannen voldoen aan de wettelijke regels voor de luchtkwaliteit. Populair gezegd zit hierin een uitdaging. De vraag is echter: bent u in staat om deze uitdaging aan te gaan en wat zet u daarop in? In uw beantwoording horen wij liever concrete gegevens dan veronderstellingen over verwachte verbeteringen van uitlaatemissies en dergelijke, waar u uiteindelijk nauwelijks invloed op heeft. Met nadruk schrijven wij hierboven "nauwelijks". Door de realisering van een overdaad aan drempels en andere snelheidsremmende obstakels is het met de locale luchtkwaliteit in Nieuwegein bergafwaards gegaan. Dit is uw directe invloed op de locale luchtkwaliteit. Wij willen best geloven dat het vorige college zich dat niet heeft gerealiseerd. Dat echter het huidige college de duidelijke waarschuwingen hiervoor in de wind slaat ervaren wij als een schok.Wij hadden meer inzicht verwacht. Wij willen het echter ook positief benaderen: door het slechten van de verkeersdrempels kunt u een aanmerkelijke verbetering van de locale luchtkwaliteit bewerkstelligen. Vertrouwende op een spoedige beantwoording, namens de fractie van Onze Nieuwegeinse Samenleving, Balth de Winter, fractievoorzitter |
| Beantwoording |
Onderwerp beantwoording vragen ex artikel 42 R.v.O.
(Raadsnummer 2004-387) 12 oktober 2005 Geachte heer de Winter, In uw brief (ex. Art.42 R.v.O) van 11 September jongstleden stelt u aanvullende vragen over de sloop van delen van de Binnenstad. Dit in reactie op onze beantwoording van uw brief (ex. Art.42 R.v.O) van 29 juli jongstleden. In deze brief beantwoorden wij uw aanvullende vragen. Naar onze mening gaan uw vragen voorbij aan de essentie van de zaak. Wij hebben van de gemeenteraad de opdracht gekregen het OOB te realiseren. Tegelijkertijd hebben wij de opdracht de Binnenstad tijdens de verbouwing bereikbaar en leefbaar te houden. Wij werken hard aan het uitvoeren van deze opdracht. Daarom worden de zogenaamde Mitroswoningen nu gesloopt. Er is immers nu ruimte nodig voor tijdelijke (parkeer)voorzieningen. Dat dit moment zou komen is overigens al jaren bekend. Het is zelfs zo dat wanneer deze tijdelijke parkeerplaatsen er niet zouden (kunnen) komen, we in het oosten van de stad niet kunnen beginnen met de nutinfrastructuur en het bouwrijp maken van de locatie van de Palmtorens en parkeergarage P5. De bestemming van locatie 13 is in het OOB gedefinieerd: GDV, wonen en parkeren. Welke ontwikkelaar dit gaat realiseren is nog niet bekend. Dat heeft te maken met het feit dat de ontwikkeling va deze locatie tussen 2011 en 2015 staat gepland. In onze vorige brief hebben wij al aangegeven waarom in het OOB is gekozen voor deze planning. De onzekerheid als gevolg van deze tijdsplanning is een gegeven. Maar deze tijd biedt ons ook de nodige flexibiliteit in het project. In dergelijke lang durende projecten zijn de factoren tijd en geld belangrijke (en aan elkaar gekoppelde) elementen in de gebiedsexploitatie. Wij zijn van mening dat wij een voorzichtige financiele inschatting hebben gemaakt en dat dit gecalculeerd risico betreft. Diverse 'second opinions' onderschrijven dat. De verpaupering waar u over spreekt is tijdelijk in enige mate aan de orde vanwege het uitplaatsen van mensen en de voorgenomen sloopwerkzaamheden. Na de sloop is dat niet meer aan de orde: van de ontstane ruimte maken we een keurig tijdelijk parkeerterrein. Het wederzijdse belang van de gemeente, Stadshart Nieuwegein c.v. en eindbelegger Corio Nederland Retail is dat er een mooie levendige Binnenstad wordt gerealiseerd. Om die reden is in het contract opgenomen dat de beoogde hoeveelheid vierkante meters voor een deel voorverkocht moeten zljn, alvorens we starten met de bouw. Dit is ook in het belang van de gemeente Nieuwegein omdat we dan zeker weten dat de straks gerealiseerde winkels daadwerkelijk verhuurd worden. Verschillende onderzoeken tonen aan dat in de Binnenstad van Nieuwegein ruimte is voor de overeengekomen uitbreiding van de winkelmetrage. In het contract staat de periode dat Stadshart Nieuwegein c.v. heeft om de meters voor te verkopen. Vooralsnog hebben wij geen aanleiding om aan te nemen dat het gewenste percentage niet binnen de gestelde periode wordt gehaald. Op uw vraag 'wat als' gaan wij nu niet in. Natuurlijk is nagedacht over het door u geschetste scenario. In het contract met Corio zijn daar zelfs de spelregels voor opgenomen. Maar op dit moment is het productiever ons te richten op een goede samenwerking. Voor wat betreft uw opmerklng over de luchtkwaliteit en het bestemmingsplan Binnenstad het volgende. Wij zien -met de gemeenteraad- de noodzaak van de nieuwe Binnenstad voor de stad Nieuwegein. Deze ontwikkeling heeft logischerwijs gevolgen voor de directe omgeving. In het voorontwerp bestemmingsplan Binnenstad staan deze gevolgen beschreven. Momenteel constateren wij dat wij nog niet voldoen aan alle (huidige) eisen voor de luchtkwaliteit. Daar zijn twee opmerkingen bij te plaatsen. In de eerste plaats doet het college met deze wetenschap alles wat redelijkerwijs in haar vermogen ligt de toekomstige situatie in Nieuwegein te verbeteren. In de tweede plaats is de regelgeving nog volop in beweging. Wij zitten met het project Binnenstad op de boeggolf van nieuwe ontwikkelingen op dit gebied. Met alle voorgenomen maatregelen, de inmiddels opgebouwde expertise en de signalen van de verantwoordelijke instanties, hebben wij er vertrouwen in dat wij op termijn voldoen aan de uiteindelijke wetgeving. Kort gezegd: we doen het nodige en het mogelijke. Maar concrete gegevens en oplossingen kunnen we u pas bieden wanneer duidelijk is hoe de definitieve wetgeving er uit gaat zien. Tot die tijd moeten we omgaan met een mate van onzekerheid. Dat is inderdaad een uitdaging. Onze inzet is een gedegen, goed onderbouwd bestemmingsplan en we hebben er vertrouwen in dit bestemmingsplan net ook haalt. Tot slot: uw suggestie dat het college door het plaatsen of wegnemen van verkeersdrempels direct de luchtkwaliteit bemvloedt is onjuist en een simplificatie van het probleem. U gaf zelf al aan dat lokale maatregelen (met nadruk) nauwelijks van invloed zijn op de luchtkwaliteit. De KEMA geeft aan dat maatregelen van lokale instanties (zoals een gemeente) geen meetbare invloed hebben op de fijn stof concentratie. Lokale maatregelen hebben alleen zin wanneer die in heel Nederland - of beter nog in heel Europa- worden getroffen. Voor de stikstofdioxideconcentraties in binnenstedelijk verkeer is met name de doorstroming van belang. De verkeersdrempels zijn destijds geplaatst om de snelheid van het verkeer te verlagen in de verblijfsgebieden (om daarmee de verkeersveiligheid te vergroten) en het autoverkeer te concentreren op gebiedsontsluitingswegen (om daarmee de doorstroming te maximaliseren). Om deze redenen staan wij nog steeds achter de maatregelen. Wij verwachten u hiermee voldoende geÏnformeerd te hebben. Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders, drs. P.C.M. van Elteren drs. CM. de Vos secretaris burgemeester |

